Een schutting zelf plaatsen is prima te doen. Het zware werk valt mee, het gereedschap heb je grotendeels al, en één weekend is meestal genoeg.
Waar het misgaat is bijna nooit het bouwen. Het gaat mis bij het uitzetten. Wie begint met graven voordat hij heeft gerekend, komt er bij de laatste paal achter dat er nog dertig centimeter over is — en dan staat er een passtuk in het zicht, of een scheve lijn.
Dit artikel behandelt het rekenwerk en het zetten van de palen. Doe je dat goed, dan is de rest montage.
De maten waar alles uit volgt
Nederlandse schuttingen zijn gestandaardiseerd. Die maten zijn je uitgangspunt:
| Onderdeel | Maat |
| Scherm | 180 × 180 cm |
| Betonpaal | 10 × 10 × 275 cm |
| Paal de grond in | 80 tot 90 cm |
| Eén vak, hart-op-hartWat is hart-op-hart? Hart-op-hart (afkorting h.o.h.) en ook wel midden op midden genoemd, is een alternatieve meetmethode waarbij niet de afstand tot objecten of constructen uitgangspunt is, maar de afstand... | 190 cm (10 paal + 180 scherm) |
| Totale hoogte boven maaiveldWat is het maaiveld? Met deze term duidt je het grondniveau in een bepaalde omgeving aan. Meestal is het niveau van het maaiveld in een bepaalde omgeving niet overal exact... | 200 cm |
| Poort | 90 of 150 cm breed |
Die 190 centimeter is het getal waar alles om draait. Eén vak is altijd een paal van tien plus een scherm van honderdtachtig. Reken je met 180, dan loopt je lijn scheef; reken je met 200, dan houd je gaten over.
En let op die laatste rij: met een betonplaat onderaan die deels in de grond zit, kom je op ongeveer twee meter boven maaiveldWat is het maaiveld? Met deze term duidt je het grondniveau in een bepaalde omgeving aan. Meestal is het niveau van het maaiveld in een bepaalde omgeving niet overal exact... uit. Dat is precies de grens die in de meeste gemeenten vergunningvrij is achter de voorgevelrooilijn — maar controleer het bestemmingsplan van je eigen gemeente voordat je bestelt.
De rekenregel
Een lijn is altijd hetzelfde patroon: paal, scherm, paal, scherm, paal … passtuk, paal.
- Meet de lijn van vast punt tot eindpunt, in centimeters. Meet twee keer.
- Trek 20 cm af, voor de begin- en de sluitpaal.
- Deel door 190. De hele uitkomst is je aantal volledige schermen.
- Wat overblijft, wordt het passtuk.
Uitgewerkt: een lijn van 11 meter
Je begint tegen het huis, de lijn is 1100 cm.
Eerst 20 cm eraf voor de eerste en de laatste paal: blijft 1080 over. Gedeeld door 190 is dat 5,7 — dus vijf volledige schermen. Die vullen 5 × 190 = 950 cm.
Er blijft 130 cm over. Dat wordt je passtuk: een scherm dat je op maat zaagt, plus de sluitpaal.
Zet dat passtuk niet aan het eind van je lijn, maar op de minst zichtbare plek — meestal tegen de schuur of achter een border. Een schutting oogt strak als het oog geen onderbreking ziet vanaf het terras.
Palen zetten: drie methodes
De paal bepaalt of je schutting over tien jaar nog recht staat. Er zijn drie manieren, en ze zijn niet uitwisselbaar.
| Betonpoer | Snelbeton | Grondanker | |
| Geschikt voor | Betonpalen, zware lijnen | Losse palen, reparaties | Lichte houten schuttingen |
| Uithardtijd | Enkele dagen | Ongeveer een dag | Direct belastbaar |
| Corrigeren achteraf | Ruim de tijd | Minuten | Altijd nog te stellen |
| Hout blijft droog | Nee | Nee | Ja |
| Kosten per paal | Laagst | Iets hoger | Hoogst |
Betonpoer met losse mortel is de klassieke methode en nog steeds de sterkste. Je graaft een gat van 80 tot 90 centimeter diep en ongeveer dertig bij dertig breed, zet de paal erin en vult aan met mortel die je zelf aanmaakt.
Het grote voordeel zit in de tijd. Losse mortel trekt langzaam aan, dus je kunt de hele lijn zetten, een draad spannen en daarna alles nog stellen. Voor wie voor het eerst een schutting plaatst, is dat precies de speling die je wilt hebben.
Snelbeton stort je droog in het gat, waarna je er water op giet. Binnen twintig minuten begint het te binden. Ideaal als je één paal vervangt of op één dag klaar wilt zijn — maar je hebt dan ook maar twintig minuten om te stellen. Dat is weinig als je nog moet zoeken naar je waterpas.
Grondankers zijn direct belastbaar en houden het hout uit de grond, wat de levensduur ten goede komt. Ze zijn wel het duurst per paal en alleen geschikt voor lichtere houten schuttingen — niet voor betonpalen.
De volgorde die werkt
- Meet de lijn en reken het aantal schermen uit. Nog niet graven.
- Zet de begin- en eindpaal, en span daartussen een draad op de hoogte van de bovenkant van de palen.
- Markeer de gaten op 190 cm hart-op-hartWat is hart-op-hart? Hart-op-hart (afkorting h.o.h.) en ook wel midden op midden genoemd, is een alternatieve meetmethode waarbij niet de afstand tot objecten of constructen uitgangspunt is, maar de afstand... langs die draad.
- Graaf alle gaten voordat je gaat storten.
- Zet alle palen, stel ze op de draad en waterpas, en stort dan pas.
- Laat uitharden. Bij losse mortel: geef het de tijd.
- Schermen erin, van één kant naar de andere.
Die draad is niet optioneel. Het is het verschil tussen een schutting die recht oogt en eentje waarvan je jarenlang ziet dat hij het niet is.
Waar het meestal misgaat
Te ondiep graven. Tachtig centimeter voelt overdreven als je met de schep bezig bent. Het is het niet. Een paal die te ondiep staat, gaat werken bij storm.
Storten voor het stellen. Zodra het beton erin zit, is je speling weg. Eerst alles op de draad, dan pas storten.
De ondergrond negeren. Zand is het gunstigst. Klei plakt en loopt vol bij nat weer. Veen blijft bewegen — daar zijn langere palen of extra beton nodig, ook jaren later nog.
Het hout tegen de grond. De onderste plank die in de aarde of tussen bladeren ligt, is de plek waar rot begint. Niet de bovenkant. Houd de onderkant vrij.
Tot slot
Het rekenen kost een half uur, het uitzetten een uur. Dat is de investering die bepaalt of je een strakke lijn krijgt of een schutting waar je jarenlang naar kijkt met het idee dat er iets niet klopt.
Wie de palen wil uitzoeken die bij zijn lijn passen — betonpalen, houten palen, hoekpalen en de bijbehorende maten — vindt het overzicht bij schuttingpalen.