c505218304b50c59c3659f6dda43bae7-header-0–>
De bouw kan niet zomaar starten. In de eerste plaats moet er een kavel beschikbaar zijn, waarop het huis gebouwd kan worden. De gemeente bepaald welke kavels er in welke gemeente beschikbaar zijn en wat er op die kavel gebouwd moet worden. Soms is dat een verplicht soort bouw, soms is de vrijheid groter om zelf te bepalen hoe het bouwwerk eruit gaat zien. Natuurlijk kies je zelf de voorkeur voor een bepaalde streek. Zo kan er gekozen worden voor een bosrijke omgeving, duinzicht, de stad of wonen op het platteland. Het is afhankelijk van de gemeente of je daar daadwerkelijk kan bouwen. Aan de hand van het beschikbare budget wordt de grote van kavel bepaald.

Grondonderzoek

De grond wordt onderzocht door middel van sondering. Hierbij wordt gekeken wat de weerstand van de grond is tegen de druk van het huis. Iedere grondsoort heeft verschillende eigenschappen, zoals het verschil in korrelgrote en de samendrukbaarheid. In Nederland komen onder andere de volgende grondsoorten voor: zandgrond, veenbodem en kleibodem. Bij kleigrond is er een verschil tussen zeeklei en rivierklei. In dit verslag beperken wij ons tot de zeekleibodem. De bodem van een zandlandschap bestaat uit vier lagen: een dunne toplaag, een mineraalarme uitspoelingslaag, mineraalrijke inspoelingslaag en schoon zand. De toplaag is vruchtbaar maar erg dun, de tweede laag heeft ruimte tussen de zandkorrels, de derde laag is een harde laag en de vierde laag is de zandlaag die bestaat uit grover korrels. Zandgrond is minder geschikt voor akkerbouw, maar wel geschikt als bouwgrond.

Grondsoorten

Veengrond is de slapste grond van Nederland. Veen ontstaat door dode planten die zich opstapelen tot dikke lagen. Veengrond werd vroeger afgegraven en gebruikt als turf voor brandstof. Tegenwoordig wordt turf ook gebruikt als tuingrond. Veengrond bestaat uit verschillende lagen: de  toplaag waarin veenplanten groeien en de  volgende lagen die bestaan uit generaties  lange opeenstapeling van dode planten. Elke laag is één generatie. Hoe lager de laag hoe hoger de druk waardoor de onderlagen compacter zijn. De waterstand moet bij veengrond hoog zijn omdat de grond anders enorm in kan zakken.

Zeeklei ontstaat wanneer er kleine slibdeeltjes in de zee naar de bodem zinken. Schelpen zorgen ervoor dat de bodem kalkrijk blijft. De kleur is meestal grijs en zeeklei is compact. Zeeklei is zeer vruchtbaar voor landbouwgrond omdat het veel minerale bevat. Van deze drie types grond is zand het meest geschikt om op te bouwen, omdat dit minder indrukt dan klei of veen. Het huis zal zo minder gevoelig zijn voor verzakken. Afhankelijk van het type grondsoort en de druk wordt besloten of er heipalen gebruikt moeten worden. Als deze gebruikt moeten worden, moet ook de lengte worden bepaald. De heipalen worden altijd tot in de zandgrond geheid.

De architect

De architect maakt aan de hand van de eisen die de klant stelt een schetsplan. Dit schetsplan is een voorlopig ontwerp. In dit schetsplan wordt het vooraanzicht, zijaanzicht, bovenaanzichten en de doorsnede van het huis weergegeven. Hierin worden nog geen details opgenomen. De architect legt dit schetsplan voor aan de klant oftewel opdrachtgever. Bij akkoord wordt dit schetsplan omgevormd in een voorlopig ontwerp. Met dit ontwerp gaat de architect naar de plaatselijke gemeente. Is de klant en de gemeente tevreden dan wordt er een definitief ontwerp gemaakt. In tegenstelling tot het schetsplan wordt in deze bouwtekening wel de details opgenomen. Echter wanneer de klant of de gemeente niet akkoord gaat met het schetsplan of voorlopig ontwerp, worden deze aangepast en opnieuw voorgelegd aan de klant. Pas wanneer de klant volledig tevreden is en de gemeente zijn goedkeuring geeft wordt de bouwtekening definitief.

Gemeente

Wanneer de gemeente de bouwtekening goedkeurt, gaat de architect aan de slag met het maken van een planning van de complete bouw, een begroting en de sterkteberekening. Met de definitieve bouwtekening gaat de architect naar de gemeente, voor het indienen van de bouwaanvraag. De aanvraag wordt dan voorgelegd aan de welstandscommissie. Die beoordeeld de bouwtekening volgens de eisen welke in de plaatselijke gemeente gesteld worden. Deze eisen kunnen gaan over: de hoogte van het te bouwen huis, het vooraanzicht, de uitstraling, de wijk. Na beoordeling volgt er een definitief besluit. Indien de klant daarmee akkoord gaat ontvangt deze de welstandsgoedkeuring.

Welstandscomissie

Met de welstandsgoedkeuring wordt de omgevingsvergunning (vroeger bouwvergunning) ingediend. Wanneer de omgevingsvergunning in orde is wordt er een bericht in de plaatselijke krant geplaatst, zodat door bijvoorbeeld omwonenden bezwaar kan worden ingediend. De omgeving heeft maximaal zes weken de tijd om bezwaar in te dienen. Daarna is uw vergunning definitief. Nu de vergunning definitief is gaat de architect in overleg met de klant op zoek naar een aannemer voor de uitvoer van het bouwproces.

De aannemer

De fundering

De fundering is de kunstmatige ondergrond waar het huis op rust. Vaak wordt er gekozen voor een fundering op staal, waarbij het beton een brede zone heeft. Het stortbeton komt dan onder alle op te trekken muren. Wanneer de grond niet geschikt is voor fundering op staal kan gekozen worden voor een ander soort fundering. Daar ga ik in dit verslag niet verder op in omdat het anders te breed wordt. Wel wil ik nog even noemen dat er voor gekozen kan worden om heipalen te gebruiken. Dit gebeurd wanneer de dragende grond zich dieper bevind dan 5 meter. De aannemer laat zich hierin leiden door het rapport van de architect. Voordat het beton gestort wordt, wordt de bekisting (vaak van hout) gemaakt. De bekisting is de mal waar het beton ingegoten wordt.  (Bouwbestel, 2013)

De vloer

Na de fundering wordt de betonnen vloer van het huis gestort. Beton is samengesteld uit cement, water en zand, grind en/of steenslag. Zelfs de Romeinen en Grieken maakten al gebruik van beton! Dat is te zien uit overblijfselen van bouwwerken en zelfs het Colosseum. De korrelgrote en de hoeveelheid van het gebruik van zand en grind is belangrijk voor de duurzaamheid. Water wordt gebruikt voor het hard worden van het beton. Wanneer het beton eenmaal hard geworden is, is dit niet meer zacht te krijgen. Belangrijk is om niet teveel water toe te voegen, want dan blijft het beton te zacht. Om het beton glad te krijgen kan een trilplaat worden gebruikt. Dit zorgt ervoor dat de eventuele luchtbellen verdwijnen. Hoe lager de temperatuur is, hoe moeilijker het beton uithard. Eventueel kan er gebruik gemaakt worden van infraroodlampen om te voorkomen dat het beton niet goed uithard.

Kozijnen stellen

De timmerman komt in beeld om de kozijnen te stellen. De kozijnen worden netjes op maat gemaakt waarbij de timmerman onder andere gebruik maakt van: hout, een zaag, hamer, spijkers. De kozijnen worden vaak in de werkplaats gemaakt en dit is als voorbereiding voor het metselen van de muren. De kozijnen worden gecontroleerd of ze haaks zijn. Bij het metselen wordt er steeds een steen geplaatst tegen het kozijn. Het is niet de bedoeling dat de kozijnen door gaan buigen, daarom wordt er in eerste instantie een lat midden tussen het kozijn gezet. Zo blijft het kozijn mooi zijn vorm behouden. Om vocht te weren worden de randen gekit.

De binnenmuren

Voordat de binnenmuren gemetseld kunnen worden, moet er eerst over worden nagedacht welk soort steen er gekozen wordt en welke voegdikte er gebruikt moet worden. Meestal is de horizontale voegdikte het dikst. De verticale voegdikte is dunner, dit is ook fraaier voor het gezicht. Er zijn verschillende manieren die gekozen kunnen worden om de binnenmuren te metselen. Meestal wordt er voor gekozen om de stenen trapsgewijs op elkaar te plaatsen. Dit zorgt voor een stevige bouw en een fraai zicht.  Een bijkomend voordeel is dat dit ook heel handig is voor de hoeken van het gebouw.

Bij andere keuzes moeten er ingewikkelde berekeningen worden gemaakt. Met het metselen is het verstandig om een stevige betonnen ondergrond te hebben en de hoeken te verankeren.  Dit gebeurd met houten latten die in een hoek van 90 graden geplaatst worden. Het metselen wordt hierdoor eenvoudiger en nauwkeuriger. Om te gaan metselen wordt eerst de specie aangemaakt. De specie wordt met een troffel tussen de stenen gedaan. Het overige specie wordt direct verwijderd. Anders zou de specie hard worden en op plaatsen zitten waar het niet hoort. Wil je eerst nog een steen halveren? Doe dit dan met een hamer. Zet eerst een kras op de steen, zet vervolgens de sabel in de kras en geef er een tik met de hamer op. Zo zal de steen breken. Met een waterpas wordt gemeten of de muur goed recht komt te staan.

Isolatie aanbrengen

Isoleren is een van de belangrijkste elementen van energiebehoud van je woning. De keuze van de isolatie is daarom heel belangrijk. Hoe beter de isolatiewaarden zijn, hoe minder energie er verspild wordt. Op isolatiekosten moet dan ook niet worden bespaart. Dit verdient zicht altijd terug. Nadat de binnenmuren zijn gemetseld wordt de isolatie aangebracht. Het type isolatie is afhankelijk van wat gewenst wordt. De isolatie wordt vastgezet met spouwankers. Het aantal spouwankers dat nodig is wordt bepaald door de constructeur.

De isolatie waarde bepaald het warmteverlies. Deze waarde wordt aangegeven in W/m.K  (warmteweerstand van een wand per vierkante meter en per graad temperatuurverschil). Hoe hoger deze waarde is hoe beter de isolatie. Het type isolatie dat veel wordt gebruikt is vezelvrij resol hardschuim met aan twee kanten geperforeerde aluminiumfolie aan één kant damp-open en aan de andere kant reflecterend. Het is belangrijk dat de eerste laag goed waterpas wordt geplaatst. Hou minimaal 50mm vrije ruimte onder de isolatie. Dit is tegen optrekkend vocht. Plaats de isolatieplaten strak tegen de binnenmuur aan daardoor ontstaat het grootste effect. De damp-open zijde wordt naar de buitenzijde geplaatst, zodat de platen kunnen ademen in de spouw. Dit voorkomt vochtophoping in de isolatie. Alle naden tussen de isolatieplaten worden opgevuld met purschuim zodat alles goed dicht is.  Isolatie aanbrengen is een secuur werk en heeft effect voor de lange termijn.

Buitenmuur

Voor de buitenmuur gemetseld wordt, moet eerst het nodige worden voorbereid. Een muur kan niet zomaar gemetseld worden. Metselen gebeurd altijd tussen metselprofielen. Deze metselprofielen worden op de hoeken van het te metselen gebouw gezet. De metselprofielen moeten goed waterpas staan en precies zoals op de bouwtekeningen staat aangegeven. Ook moet de locatie van de deuren en de ramen worden uitgezet. De locaties van deze ramen en deuren staan op de bouwtekeningen. Tussen de metselprofielen wordt een metselkoord gespannen. Het metselkoord moet waterpas opgespannen zijn. Verder zijn onder andere de volgende gereedschappen nodig:

  1. Duimstok
  2. Waterpas
  3. Laserwaterpas
  4. Troffels
  5. Voegijzer
  6. Schop
  7. Betonmixer
  8. Speciebak
  9. Kruiwagen
  10. Metselhamer
  11. Metselkoord
  12. Schietkoord (controle of de muur exact verticaal staat)

Daarnaast zijn stenen en metselmortel nodig. De eerste laag metselen is de belangrijkste. Deze eerste laag dient goed waterpas te liggen. Dit is noodzakelijk als goede basis voor de rest van de muur. Begin met cement, waarop de eerste laag stenen wordt gelegd. Daarna komt er weer metselmortel en dit wordt dusdanig voortgezet. De metselmortel wordt ook tussen de stenen aangebracht.

Metselmortel bestaat uit (portland) cement en metselzand. De verhouding van cement en metselzand moet 1:3 zijn. Dus 1 kg cement en 3 kg metselzand. Dit moet goed door elkaar gemengd worden. De hoeveelheid water is afhankelijk van het vochtgehalte van het zand en het type steen dat wordt gebruikt om te metselen. Het geheel moet egaal zijn dus er mogen geen korrels meer aanwezig zijn. Voor een steensoort dat veel vocht opzuigt is er een nattere metselmortel nodig dan een harde steen die geen vocht opzuigt.

Maak niet teveel metselmortel in een keer aan. Het kan zijn dat het metselmortel dan op gaat drogen. Dat is jammer, omdat het dan niet meer geschikt is voor gebruik. Nadat de muren zijn gemetseld moeten de muren worden gevoegd. Hiervoor wordt voegmortel gebruikt. Deze voegmortel bestaat uit (portland) cement en voegzand de verhouding 1:4. Dus 1 kg cement en 3 kg voegzand. Voor een witte voeg kies je wit cement.

Dak plaatsen

Om het dak te kunnen plaatsen zijn er voorbereidingen nodig. Wat voor voorbereidingen is afhankelijk van het type dak. Het type dak staat op de bouwtekeningen. Er zijn verschillende typen dak. De meest voorkomende zijn: zadeldak , lessenaardak, schilddak, tentdak, zadeldak met wolfseinden en mansardedak.

In dit verslag gaan we verder in op het zadeldak. Een zadeldak rust op dakspanten. Deze dakspanten rusten op de muren. Op de muur wordt eerst een muurplaat geplaatst deze wordt goed verankerd aan de binnenmuur met behulp van draadankers. De spanten worden door de timmerman aan de hand van de bouwtekening gemaakt. Dit kan de timmerman in de fabriek of terplekke doen. Bij het maken van spanten in de fabriek is het voordeel dat alle benodigde materialen en machines aanwezig zijn. Het nadeel van het maken van spanten in de fabriek is het transport. Met een vrachtwagen worden de spanten aangevoerd en met een hijskraan op het huis gehesen. De dakspanten worden vastgezet op de muurplaat. Aan de bovenkant worden de dakspanten verbonden met de nokgording ook wel nokbalk genoemd en nog enkele gewone gordingen oftewel balken.

Wanneer de spanten geplaatst zijn, worden de dakplaten geplaatst. Deze dakplaten worden vaak al kant en klaar in de fabriek onder ideale omstandigheden gemaakt. Deze kant en klare dakplaten komen met een vrachtwagen aan en worden met een kraan op het dak gelegd. Vaak worden deze dakplaten scharnierend aangeleverd zodat aan beide kanten tegelijk het dak wordt opgebouwd. Op deze dakplaten worden door de timmerman panlatten geschroefd. De afstand tussen de panlatten wordt bepaald door het type dakpan. De dakpannen worden vanaf onder naar boven neer gelegd. Dit gebeurd met 3 a 4 rijen naast elkaar tegelijk en wanneer je boven bent begin je weer vanaf onderaf aan. Met behulp van een lift worden de dakpannen op het dak gebracht. Op de nok worden de speciale nokpannen geplaatst en vastgeschroefd.

De loodgieter

De loodgieter heeft een breed vakgebied. Hij is er in gespecialiseerd om de sanitaire voorzieningen in het huis aan te leggen en te onderhouden. Daarnaast gaat de loodgieter over de verwarmingsinstallaties, de waterleidingen en eventueel zelfs over de riolering. De hulp van een loodgieter wordt vaak ingeroepen als er lekkages zijn, maar juist ook bij de bouw van een huis is de loodgieter onmisbaar. Loodgieter betekent letterlijk: het gieten van lood. Vroeger werden er loden pijpen gebruikt om de huizen waterdicht te houden.  Tegenwoordig wordt er geen lood meer gebruikt bij de waterleidingen. Lood blijkt giftig te zijn en mag in de gehele Europese Unie niet meer gebruikt worden in de waterleidingen. Nu gebruikt de loodgieter vooral roestvrij staal en aluminium of kunststof buizen.

Het is belangrijk dat de loodgieter rekening houdt met de veiligheidsvoorschriften en de veiligheidsregels. De loodgieter moet goed op de hoogte zijn van verschillende installatietechnieken omdat hij daar veel mee te maken krijgt. De loodgieter krijgt te maken met onder andere het berekenen van de lengte van buizen en leidingen, het uit elkaar halen en in elkaar zetten van leidingen, met schroeven, verbindingen en dergelijke.

Elektriciteit aanleggen

Elektriciteit aanleggen doet een elektricien aan de hand van een schematische tekening en een locatietekening. Deze tekeningen worden aangeleverd door de elektroconstructeur. Op deze tekeningen staan alle aansluitpunten zoals:

  1. Stopcontacten
  2. Schakelaars
  3. Inbouwdozen (voor stopcontacten en schakelaars)
  4. Centraaldozen (verzamelpunten en lichtpunt aansluitingen)

Voordat de elektrische draden kunnen worden getrokken moeten eerst alle inbouwdozen en centraaldozen op de juiste locaties worden geplaatst. Voor de inbouwdozen wordt een rond gat geboord met een speciale dozen-boor. Nadat alle gaten zijn geboord worden alle gleuven gefreesd om zo de inbouwdozen, centraaldozen en de meterkast met pvc buizen te verbinden. Deze verbinding is nodig om de draden vanaf de meterkast op de juiste manier te trekken.

De elektrische draden in de meterkast en ook de rest van de verschillende aansluitpunten worden aangesloten door de elektricien. Er zijn verschillende typen draden te onderscheiden:

  1. Groen/geel (aardraad)
  2. Zwart (schakeldraad)
  3. Blauw (Nuldraad)
  4. Bruin (Fasedraad)

Nadat alle draden zijn getrokken en na het stucwerk kunnen de schakelaars en stopcontacten worden aangesloten.

De stroom gaat van het stopcontact naar de meterkast en wordt daar gemeten door een ‘slimme’ meter. De binnenkomende stroom wordt in een groepenkast verdeeld. De groepenkast bestaat uit een hoofdschakelaar, soms nog meerdere tussenschakels en daarna de verschillende groepen. Mocht één groep worden overbelast dan schakelt deze groep uit waardoor er gevaarlijke situaties worden voorkomen. Alle andere groepen blijven gewoon werken. Nadat de belasting weer op een normaal niveau is kun je de groep weer inschakelen.

Smeervloer

Op de betonvloer wordt een smeervloer of cementdekvloer aangebracht. Een cementdekvloer bestaat uit: één deel cement en vier delen zand. Bovenop deze vloer wordt vaak nog een cementpapje aangebracht zodat de vloer minder snel slijt. In deze vloer liggen bijvoorbeeld de vloerverwarmingsbuizen en elektrabuizen heel soms ook de waterleidingen en gasleidingen. Meestal liggen deze laatste twee in de kruipruimte die onder de vloer zit. De smeervloer moet minimaal 25mm boven het leidingwerk komen. Dit bepaald dus de dikte. Wanneer er geen leidingen in de smeervloer liggen dan kun je volstaan met een minimaal 25mm dikke smeervloer. Vaak wordt er in de nog een krimpnet aangebracht tegen krimpscheuren. Vooral bij vloerverwarming is dit belangrijk. Wanneer je op een vloer tegels wil leggen is een krimpnet noodzakelijk.

Stucwerk

Nadat alle leidingen voor het sanitair, de verwarming en elektra zijn aangelegd worden de wanden en soms ook de plafonds van stucwerk voorzien. Het type stucwerk is afhankelijk van de ruimte. In een natte ruimte mag geen kalkmortel worden gebruikt omdat dit gevoelig is voor vochtopname. Hiervoor wordt stucmortel gebruikt.

De stuclaag wordt aangebracht door de stukadoor. Hij zorgt er voor dat de ondergrond vet en stofvrij is en brengt eventueel een hechtmiddel aan. De stukadoor brengt de stuclaag aan met een spaarbord en maakt het glad met een lange aluminium rei. Zodat de muren glad en haaks worden afgewerkt.  Dit is nodig om het huis netjes te kunnen behangen.

Keuken

De door de klant gekozen keuken wordt uit gewerkt door de keukenleverancier. Deze leverancier komt de exacte maten van de keuken inmeten en aan de hand daarvan worden de inbouwmaten bepaald.  Naast het leveren van alle apparatuur en kastjes zorgt deze leverancier ook voor een maatschets en een aansluitschets. Aan de hand hiervan worden de aansluitpunten op de juiste plaats aangebracht. Gas en water wordt aangebracht en aangesloten door de loodgieter. De elektra punten worden aangebracht en aangesloten door de elektricien.

De keuken wordt zelf geplaatst door twee werknemers van de keukenleverancier of door twee timmermannen. Deze stellen de keuken waterpas op en zorgen dat alles naadloos aansluit op elkaar. Het eventuele tegelwerk wordt nadat de keuken is geplaatst door de tegelzetter gedaan.

Tegelwerk

De door de klant gekozen tegels worden aangebracht door de tegelzetter. Om goed te beginnen zorgt de tegelzetter dat rondom op de muren een horizontale lijn komt te staan die geheel waterpas is. Deze lijn staat op ongeveer 1200mm hoogte deze hoogte is afhankelijk van de grote van de tegels. Verticaal wordt er ook een lijn gezet ook deze moet waterpas staan deze staat meestal in het midden van de muur. De reden van deze lijnen is dat vloeren, plafonds en muren lang niet altijd haaks zijn waardoor je tegelwerk anders schuin zou komen. Vanuit deze lijnen wordt het tegelwerk aangebracht. De bovenste en de onderste laag wordt op maat gemaakt.

De tegelzetter zal na het aanbrengen van deze lijnen de lijm aanmaken. Een tegelzetter zal over het algemeen werken met tegellijm uit balen van 25kg. Deze moeten aangemaakt worden met water. De hoeveelheid water is afhankelijk van de zuigende werking van de ondergrond  en deze wordt terplekke bepaald door de tegelzetter. De tegelzetter zal de lijm aanbrengen vanaf de getrokken lijn naar beneden. De lijm wordt aangebracht met een lijmkam. Tegels worden gesneden met een tegelsnijder en eventuele ronde gaten worden geboord. Vierkante gaten en uitsparingen worden geslepen met een slijptol die voorzien is van een speciale tegelslijpschijf ook wel diamantschijf genoemd.

Nadat de tegels zijn aangebracht en de lijm is uitgehard kunnen de voegen dicht gesmeerd worden met voegmiddel. Voeglijm wordt gekocht in poedervorm en moet worden aangemaakt met water. per voegmiddel heb je verschillende aanlengverhoudingen. De tegelzetter zal dit terplekke bekijken. Het voegmiddel heb je in verschillende kleuren en het is geheel afhankelijk van wat gewenst is door de klant. Het voegmiddel wordt aangebracht met een rubberen spaan. Laat het voegmiddel even drogen en daarna haal je de restanten weg met behulp van een spons.

Schilderen en behangen

Alle kozijnen en deuren hebben een kleurtje nodig. Dit kan door de schilder gedaan worden of door de eigenaar zelf. De kleur kan bepaalt worden aan de hand van een kleurenwaaier. Is het gewenst dat de ruimte behangen wordt of juist gesaust. Behang kan uitgezocht worden bij de schilder of bouwmarkt en ook voor de verf om de muur sauzen kan er een bezoekje gebracht worden aan de schilder of bouwmarkt. Meet elke ruimte op zodat het aantal vierkante meters berekenend kan worden per kamer.

Inrichten ruimtes

Voor het inrichten van de ruimtes kan de bouwtekening tot nut zijn. Zo kan vooraf bepaald worden welke meubels echt nodig zijn. Zoals een tafel, stoelen, bed, kast, bankstel enzovoort.  Dit scheelt heel wat tijd in het zoeken. De meubels kunnen het best bij een meubelboulevard uitgezocht worden. Het grote voordeel van een meubelboulevard is dat er veel verschillende meubelzaken dicht bij elkaar in de buurt zijn, waardoor dit het zoeken vergemakkelijkt en er kan gekeken worden  naar de beste prijs/kwaliteit verhouding. De meubels kunnen thuis bezorgd worden. Het is verstandig om meubels tijdig  uit te gaan zoeken omdat er vaak een levertijd op zit. Voor het inrichten van een huis kan ook advies ingewonnen worden bij een binnenhuisarchitect. De binnenhuisarchitect zal samen met de eigenaar de inrichting bepalen. Wil je liever zelf aan de slag om je meubelen te maken dan is ons bouwtekeningpakket ideaal voor jou

Wil je gebruik maken van dit bouwtekeningen pakket? Op deze pagina vind je meer informatie!

Inrichten tuin

De tuin inrichten kan de eigenaar zelf doen, maar het is vaak handiger om dit samen met een hovenier te doen. De hovenier maakt dan een indeling van de tuin en levert de planten en stenen die gelegd moeten worden. In dit verslag kiezen we er voor om het zelf te doen, zodat we ons eigen tuintje aan kunnen leggen.

Bouwbudget

Een huis bouwen kost veel geld. We hebben nu gezien wat er bij komt kijken om een huis te bouwen  en dat is heel veel. Het is daarom heel belangrijk om de kosten goed op een rij te zetten voordat er begonnen wordt met bouwen, zodat alles ook echt betaald kan worden. Soms komen er nog onverwachts bijkomende kosten.

 

De bouw

De bouw

De bouw van je huis van a tot z